Doorgaan naar hoofdcontent

2e zondag door het jaar A



“Is er niks te doen, dan draag je groen.” Dat ezelsbruggetje gebruikten wij vroeger als misdienaars om in de sacristie te weten welke liturgische kleur kazuifel er voor de pastoor klaargelegd moest worden. Zeker na de zogenoemde sterke tijden, met de verstilling van de Advent en de uitbundigheid van Kerst, kwam die lange groene periode toch wat saai over. “Is er niks te doen, dan draag je groen.” Ook de naam helpt niet echt mee. “De tijd door het jaar”. Dat klinkt niet bijzonder, eerder wat gewoontjes. Je zou bijna denken dat we de hoogtepunten gehad hebben en nu vooral wachten tot de Vastentijd weer begint. Daarmee doen we deze groene tijd tekort. Het mag best even normaal zijn. Deze gewone tijd heeft waarde in zichzelf. We mogen op adem komen en laten bezinken wat we gevierd hebben. We staan iets minder stil bij afzonderlijke momenten van het geloofsmysterie, zoals bijvoorbeeld bij de Geboorte. Nu krijgen we ruimte om het geheel te laten doorwerken in ons leven. Juist door deze tijd door het jaar krijgen de grote feesten meer glans.

In de afgelopen periode van Advent en Kerst kwam Johannes de Doper vaak aan het woord. Als een roepende in de woestijn bereidde hij de weg voor de Komende. Hij riep op tot bekering en doopte, ook Jezus zelf, zoals we vorige week hoorden. Vandaag ontmoeten we Johannes opnieuw. Nu niet als degene die vooruitwijst, maar als iemand die getuigt van wat hij gezien heeft. Hij zegt over Jezus: “Zie, het Lam Gods.” Opvallend is dat Johannes daarbij zegt dat hij Jezus niet kende. Dat klinkt vreemd, want Johannes en Jezus zijn familie van elkaar. We hebben gehoord hoe Johannes opspringt in de schoot van zijn moeder wanneer Maria op bezoek komt. Er zijn blijkbaar verschillende manieren van kennen. Johannes kent Jezus als mens, als familielid. Maar wie Jezus ten diepste is; de Messias, de Zoon van God, dat wordt hem pas duidelijk wanneer God het openbaart. Bij de doop ziet hij de Geest neerdalen en pas dan herkent hij Jezus werkelijk. Zoals Johannes Jezus niet herkent zonder openbaring, zo herkennen ook wij Gods weg niet vanzelf. Werkelijk kennen vraagt leren kijken. Niet vluchtig, maar met aandacht. Niet vanuit onze verwachtingen, maar met een open blik. Van daaruit kan Johannes getuigen, niet omdat hij dat van plan was, maar omdat hij gezien heeft.

Het initiatief ligt daartoe bij God. We kunnen het niet afdwingen. Jezus zal zich moeten openbaren. Wij kunnen alleen ruimte maken waar geloof kan groeien.

In de eerste lezing houdt de profeet Jesaja ons voor dat roeping niet eerst een vraag is, maar een geschenk. Nog vóór er sprake is van keuzes of plannen klinkt het woord dat wij geroepen zijn om een licht te zijn. Niet voor onszelf, maar voor anderen. Paulus schrijft het aan de christenen in Korinthe met dezelfde overtuiging wanneer hij zegt: “Geroepen door de wil van God.” Niet zijn inzet of overtuigingskracht staat voorop, maar Gods initiatief. Wat van ons gevraagd wordt, is niet dat wij alles overzien, maar dat wij meewerken met de genade die ons geschonken wordt. Dat zien we ook bij Johannes de Doper. Wanneer hij herkent wie Jezus is, houdt hij dat niet voor zichzelf. Hij wijst Hem aan, ook al betekent dat dat zijn eigen leerlingen Jezus gaan volgen. Johannes houdt niet vast, hij laat los. Hij kijkt met de ogen van het geloof.

Dat roept een vraag op die dichtbij komt. Wat betekent dit voor ons? Hoe kijken wij naar Jezus? Met welke verwachtingen leven wij en wat doen we wanneer God niet past in onze eigen beelden of plannen?

In de afgelopen tijd hebben we veel beelden gezien. Het Kind in de stal, kwetsbaar en klein. Een ontroerend beeld, dat we soms ook gemakkelijk romantisch maken. Maar het is meer dan een mooi geboorteverhaal. Het is God zelf die Mens wordt, die ons leven deelt en zich uiteindelijk geeft als het Lam Gods. De feesten van Kerst zijn rijk en vol symboliek. Ze kunnen ons dragen, maar ze kunnen ook voorbijgaan voordat het mysterie echt is doorgedrongen. Juist daarom is deze groene tijd zo waardevol. We hoeven niet steeds iets nieuws te vieren. We mogen blijven kijken, blijven luisteren en ons laten doordringen wie Hij is. Ruimte maken betekent dan niet dat we alles loslaten of stilvallen, maar dat we ons leven zo openen dat God zich kan laten herkennen. In gebed, waarin we niet meteen antwoorden hoeven te krijgen. In aandacht voor de mensen en de omstandigheden die ons gegeven zijn. In rust, die ons helpt niet te kiezen vanuit angst, maar vanuit vertrouwen. Zo gaan we onze weg, niet met een uitgeschreven plan, maar met de Heer voor ogen. Misschien herkennen we Hem niet altijd meteen. Maar net zoals bij Johannes geldt ook voor ons: onderweg kan ons worden aangewezen wie Hij is. Daar mogen we onszelf de tijd en ruimte voor geven. We hebben tijd zat, want: “er is niks te doen, we dragen groen”. Amen.

Reacties

Populaire posts van deze blog

14e zondag door het jaar C

Een tijd je terug ging in de avond de deurbel bij de pastorie. Ik verwachtte niemand en besloot de bel gewoon te negeren. Er werd nogmaals gebeld, stiekem keek ik even uit het raam en ik zag iemand met een rugzak staan. Het gebeurt vaker dat er aangebeld wordt en men om hulp vraagt, vaak in de vorm van geld voor een treinkaartje, eten of een plek om te slapen. In alle eerlijkheid, ik had er geen zin in. Mooier maken kan ik het niet en ik negeerde de bel. Toen kreeg ik een smsje, doorgestuurd vanaf de Noodtelefoon. De deurbeller had het nummer gevonden en zijn vraag verzonden. Hij bleek een missionaris te zijn die een slaapplek zocht. Mijn motivatie en zeker de gastvrijheid en naastenliefde was nog steeds niet erg hoog, maar ik besloot dat ik hem minstens aan kon spreken; alvorens af te poeieren. De missionaris vertelde dat hij, indachtig het Evangelie van vandaag, zonder spullen door Nederland trok om het Evangelie te leven en te verkondigen. Hij noemde bij een nieuwe orde te horen e...

19e zondag door het jaar C

  In mijn jonge jaren verzamelde ik van alles en nog wat. Een periode waren het steentjes. Als ik dan ging wandelen en een mooi exemplaar vond, sjouwde ik deze met mij mee. Het was dan een bijzondere schat die later in mijn kamertje een plek vond. De kleine verzameling is op een gegeven moment verdwenen. Het was dan ook geen echte schat voor mij, maar gewoon iets dat tijdelijk leuk was. Allemaal hebben we iets wat voor ons belangrijk is. Iets dat je als een schat, als rijkdom beschouwt. Dit kan een object zijn, maar misschien ook wel familie, gezondheid, mooie reizen maken. Iets waar je niet zonder zou kunnen, wat blijvende vreugde schenkt.   Jezus vraagt ons er ook naar: wat is jouw schat? Waar gaat je hart het meest naar uit? Hij zegt: “Waar je schat is, daar zal ook je hart zijn.” En dan gaat Hij nog een stap verder: Hij nodigt ons uit om onze schat niet hier op aarde te verzamelen, maar in de hemel. Want zo leiden we een leven met God. Zo’n leven vraagt ook iets van ons. O...

Pinksteren

Van harte gefeliciteerd! Vandaag vieren we de verjaardag van de Kerk. Hiermee bedoel ik dit niet gebouw of de parochie die wij samen vormen, maar de Kerk met een hoofdletter. Na Pasen belooft Jezus aan zijn leerlingen een Helper, de H. Geest en vandaag vieren we dat Hij daadwerkelijk aan ons gegeven is. Het brengt de leerlingen letterlijk in beweging en zij trekken de wereld over om dat Goede Nieuws verder te verspreiden. De Kerk is geboren. Proficiat! De heilige Geest is in het beeld toch vaak de wat grote onbekende als we naar God kijken. Bij God de Vader hebben we wel een beeld, God de Zoon voelt benaderbaar, maar die God de Heilige Geest blijft wat ingewikkeld. Terwijl Hij er al vanaf het begin bij is. In het scheppingsverhaal komen we de Geest al tegen: “In het begin schiep God de hemel en de aarde. De aarde was woest en leeg; duisternis lag over de diepte, en de geest van God zweefde over de wateren” [cf. Gen. 1, 1.2] Door heel de Bijbel ontmoeten we de Geest. In de oorspronke...