Tijdens een voetbalwedstrijd hoor je geregeld na afloop dat “wij” gewonnen hebben, of “ze” hebben verloren. Het klinkt dan alsof we zelf 90 minuten lang meegespeeld hebben en de winnende goal hebben gemaakt. “We hebben gewonnen”. Die saamhorigheid verdwijnt bij een verliespartij, dan hebben “zij” gefaald. Als het goed gaat komt het door onze inzet. We hebben dan iets voor elkaar gekregen. De wereld is maakbaar. Zolang we ons maar inzetten en moeite doen, komt alles goed. Het goede komt ons toe. Dan lijkt het alsof we het leven onder controle hebben, terwijl de realiteit vaak weerbarstiger is. In het evangelie plaatst Jezus daar gelukkig een ander perspectief tegenover. We lezen uit de zendingsrede. Hij zendt zijn leerlingen eropuit en bereidt hen voor op een werkelijkheid die niet altijd gemakkelijk zal zijn. Er zullen moeilijkheden komen. Niet alles zal lukken. Niet iedereen zal luisteren. Juist dan zegt Jezus: wees niet bang. Zelfs geen mus valt op de grond zo...
Soms zijn er momenten waarop iets ons echt raakt. Het kan van alles zijn: aangrijpende beelden op het journaal. Het verdriet van een ander, een moeilijke situatie die onder je huid gaat zitten. Je leeft dan even mee, misschien beter gezegd: je voelt mee, je laat je raken. Al is dat niet vanzelfsprekend. Door de dag heen komt er namelijk van alles op ons af. Er strijdt van alles om onze aandacht. Wat je nu raakt, kan straks alweer uit je gedachten verdwenen zijn. Dan gebeurt er wel weer wat nieuws en het “oude” verdwijnt naar de achtergrond. De gevoelens van medeleven zouden misschien op momenten meer door ons heen kunnen gaan. Verder kijken en doorvoelen wat ons raakt, in plaats van altijd maar weer door te gaan. We mogen ons werkelijk laten raken. Jezus geeft ons het goede voorbeeld. In het Evangelie horen we hoe Hij de vele mensen ziet en door medelijden bewogen is. Hij is geraakt, maar nog wel meer dan dat. In het Grieks staat er een prachtig woord: “Splanchnizomai” (ἐσπλαγχ...